Fetisj

Ik heb een fetisj en daar wil ik het vandaag over hebben. Ik heb er trouwens wel meer dan eentje, tenminste volgens de definitie “ziekelijke voorliefde voor een bepaald voorwerp”. Wat betreft seksuele fetisjen kom ik helaas niet ver.

Maar goed, ik heb dus een fetisj met op tijd komen.

Nadat ik was overgestapt van de HAVO naar het VWO had ik een ietwat bizar rooster omdat ik vrijstellingen voor een aantal vakken had. De roostermakers konden daar niet zoveel mee, wat ervoor zorgde dat ik twee keer per week het eerste uur vrij was, een keer per week de eerste twee en een keer per week de eerste drie. Ik werd vrij regelmatig door één van de administratief medewerkers tegen gehouden als ik ’s ochtends de school inliep omdat ik, totaal niet gehaast, vlak na de tweede bel het gebouw binnen liep. Ja, ik was te laat voor het eerste uur, maar mijn lessen begonnen pas tijdens het derde uur.

Voor de intake bij de GGZ in 2005 was ik ook rijkelijk te vroeg. Aan de overzijde van de weg stond mijn ‘school’ en er was dus totaal geen logische reden om zo veel te vroeg te komen. Ik kan me herinneren dat er meerdere mensen naar me toe kwamen om te vragen of het wel goed ging, omdat ik al zolang zat te wachten.

Als ik ergens een afspraak heb, dan pak ik minstens één verbinding eerder, maar het liefste twee of drie. Als ik dat niet doe word ik heel erg zenuwachtig, angstig of paniekerig. Ik kan het dus presteren om ergens op tijd aan te komen, terwijl er een sein- of wisselstoring is op mijn traject.

Of de smoes is dat de NS regelmatig vertraging oplevert, ik het bijzonder onbeleefd vind om te laat te komen en niet van streek wil raken, ik niet van haasten hou, ik niet bekend ben in het gebouw en dus de tijdtechnische ruimte om te zoeken wil hebben: ik gebruik de smoes zodat ik veel te vroeg kan zijn. Want dat zijn het: smoezen.

Mijn pianoles is in veel opzichten therapeutisch. Ik heb een hele grote andere fetisj op het gebied van nieuwe informatie opsnuiven. Een tomeloze nieuwsgierigheid, die mijn pianoleraar erg leuk vindt. Ik word continue erdoor uitgedaagd om meer piano te gaan of blijven spelen en er beter in te worden. Maar, het belangrijkste, ik realiseer me heel goed dat de enige voor wie ik op pianoles zit, voor mezelf is. Ik betaal. Ik bepaal.

Behalve dat er ontzettend van kan genieten, heeft het geen verder nut. Dus als ik geen tijd heb, zeg ik af. En als ik te laat kom, ga ik toch lekker te voet. En als ik geen zin heb om te haasten, app ik dat ik tien minuten later ben. Zonder stress, zonder schuldgevoel. Want waarom zou ik me daar rot over voelen, als ik degene ben die ervan gaat genieten.

Ik begin er eigenlijk best wel goed in te worden: dat te laat komen. Laatst had ik niet twee verbindingen te vroeg genomen, waardoor ik twee minuten te laat bij een bijeenkomst was waar ik spreker zou zijn omdat de bus vertraging had. Miste ik laatst de bus naar de GGZ, zodat ik naar huis moest om mijn fiets te pakken. En heb ik in mijn handtekening van mijn werkmail gezet dat ik om half tien begin, maar ga ik toch lekker krap voor werktijd in de rij staan bij de bakker, zelfs als die erg lang is.

Hm… misschien is mijn ziekelijke verhouding met op tijd een gezonde geworden. Eens kijken welke andere, ziekelijke gewoonte ik nu ga aanpakken.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.