Omslagdag

Het is vandaag omslagdag. Omslagdagen vind ik de naarste. ’s Ochtends wordt je wakker met een eufore hypomanie. Je weet precies wat je moet doen. Nog even blijven liggen, misschien nog een uurtje slaap pakken. Dan op je gemak jezelf aankleden, ontbijten en je planning bekijken, eventueel deze aanpassen en opvolgen. De planning is volgestouwd met rustige activiteiten, een bezoekje aan de supermarkt zonder pinpas en mèt een lijstje, lekker uitgebreid koken en ’s avonds een lange doch niet te lange wandeling.
En dan, om elf uur, of om vijf over drie, of kwart voor twaalf, of twee voor zes, of op een willekeurig ander tijdstip gaat de knop om. Binnen een paar minuten. Volkomen somberheid, maar dan niet verlammend maar in het snelle tempo van een hypomanie. Binnen een paar minuten impulsief worden, met een hoofd vol suïcidale gedachten. De angst die je lichaam, je leven, je wezen gaat beheersen. Het proberen te huilen op de bank of in bed. Je weet dat huilen verlicht, maar de gedachten beheersen je hoofd en de tranen komen niet.
Op een briefje op de deur staat precies wat je moet gaan doen. Piano spelen, maar je hoort elke verkeerde noot. Columns schrijven, die altijd teveel over ‘ik’ gaan. De afwas, maar die is al gedaan. Tuinieren, maar te warm met die volle zon en 28 graden. De planning die je gisteren maakte zegt dat je moet stofzuigen, maar dat geluid kun je niet verdragen. De kleurplaat in je nieuwe boek  is ingewikkeld en onregelmatig van vorm. Je mist de regelmaat van mandala’s en kijkt tien minuten ontevreden naar de niet-ingekleurde kleurplaat.
Zal ik opnieuw naar de supermarkt gaan voor drank. Hoeveel pillen heb ik. De spoorwegovergang bij Cronenstein. Waar liggen mijn scheermesjes.
Ik besluit binnen te blijven. Ik zet een dvd op, ik heb hem al tientallen keren gezien, ondanks mijn slechte concentratievermogen kan ik zo de verhaallijn blijven volgen. Ik pak een andere kleurplaat uit het boek. Eentje met terugkerende patronen. Het brengt mijn hoofd tot rust.
Als de zon uit mijn tuin verdwijnt zet ik op deze warme lentedag mijn nieuwe sproeier aan. Het duurt even voordat hij juist is ingesteld. Met mijn blote voeten lopen ik door het natte gras, ik spring opzij als de sproeier richting mij komt. Het doet me aan een kinderspelletje denken en ik geniet. Ik ben niet angstig.
Ik geniet.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *